Posted on Geef een reactie

CONCERTINA, de nieuwe roman van André Verkaik

(An English synopsis of the novel Concertina by André Verkaik can be found on this website at this location)

Concertina is een semi-autobiografische roman, geschreven door André Verkaik, voormalig

André Verkaik

detentietoezichthouder en wachtcommandant in detentiecentrum Zeist (2002-2006). Verkaik deed zijn schrijfopleiding aan de Schrijversvakschool te Amsterdam en bracht eerder de roman Dat Rode Spul (2013) en de bundel Incidenten, verhalen uit de handhaving (2016) uit. Concertina is het vlijmscherpe prikkeldraad dat in uittrekbare rollen wordt aangebracht op hekken en muren van gevangenissen en detentiecentra om uitbraak te voorkomen.

 

Het verhaal

De brand in het Uitzetcentrum Schiphol-Oost in de nacht van 26 op 27 oktober 2005, waarbij elf gedetineerden omkwamen en vijftien gedetineerden en bewakers gewond raakten, was een ingrijpende en traumatische gebeurtenis welke de Nederlandse samenleving diep trof, een ontluisterend relaas van falende veiligheidsprocedures.

Voor Gershon Weening betekent de komst van ongeveer honderd van de slachtoffers van de brand naar Detentiecentrum Zeist in die nacht een welkome afwisseling in zijn werk als wachtcommandant en een gelegenheid om zijn kwaliteiten te bewijzen. In zijn gedrevenheid toont Weening de afdelingshoofden van Justitie op Kamp Zeist dat er bij de chaotische binnenkomst van deze slachtoffers fouten zijn gemaakt, namen klopten niet, waardoor er onduidelijk bestond over de telling. Enige tijd later wordt hij uit zijn functie als wachtcommandant gezet vanwege een incident met een collega.

Weening staat weer als detentietoezichthouder op de gang en komt daardoor is nauw contact met de slachtoffers van de brand in het uitzetcentrum Schiphol-Oost. Met degenen die over zijn, want ze worden door Justitie in rap tempo uitgezet terwijl in de Tweede kamer wordt gedebatteerd over een generaal pardon voor deze groep. Met zijn team werkt Gershon aan de sfeer op de afdeling, er worden evenementen georganiseerd en kleding ingezameld. De verhalen van gedetineerden worden vastgelegd, brieven van advocaten en rechtbanken worden uitgelegd om de mannen voor te bereiden op advocaatbezoek en rechtbankzittingen.

Afdelingshoofd Erik Bakker ziet dit als een aanval op zijn gezag en stelt steeds strengere maatregelen in voor het bewakende personeel. Het wordt Gershon duidelijk dat niet het incident met de collega maar zijn bekendmaking van de fouten in de nacht na de brand de reden was voor zijn schorsing. Er ontstaat een spel van kat en muis, waarbij andere bewakers en de gedetineerden de ingezet worden om winst op elkaar te behalen. Terwijl het Bakker’s opdracht is om zo veel mogelijk van de honderd slachtoffers van de Schipholbrand uit te zetten, lukt het Weening om een paar van zijn gedetineerden vrij te krijgen. Na deze Pyrrusoverwinning weet Gershon dat hij nooit meer iets anders zal doen dan schoonmaak-werkzaamheden als hij blijft, en besluit Kamp Zeist te verlaten.

Concertina, A. Verkaik

Buiten wordt Weening benaderd door ex-gedetineerden. Hun vrijheid blijkt maar schijn te zijn, ze worden vastgehouden in een asielzoekerscentrum in Oost-Groningen en verkeren ook daar weer in een uitzichtloze situatie. Door dit onder de politieke aandacht te brengen krijgen deze slachtoffers een schadevergoeding en ontvangen uiteindelijk 39 van de slachtoffers van de Schipholbrand een permanente status.

 

*Hoofdstuk 1 van de roman Concertina, getiteld Nabrander, is integraal gepubliceerd op deze website en kan bereikt worden door deze link te volgen.

Posted on Geef een reactie

INCIDENTEN, VERHALEN UIT DE HANDHAVING

Op 21 november 2016 is de bundel Incidenten, verhalen uit de Handhaving van auteur André

Incidenten, korte verhalen uit de handhaving
Incidenten, verhalen uit de handhaving

Verkaik uitgebracht. Verkaik schreef zijn korte proza op basis van ervaringen in zowel operationele als leidinggevende functies onder meer op Schiphol, in het gevangeniswezen en in detentiecentra. Momenteel is de schrijver nog steeds parttime actief bij evenementen en als surveillant in de binnenstad van onder meer Amsterdam en Utrecht. ‘Ik ben geen literaire of journalistieke spion, zoals Günther Wallraff dat was voor zijn roman Ik (Ali). Ik werkte gewoon als bewaarder of beveiliger en deed dat over het algemeen met plezier en met een gevoel van zingeving.’

Verkaik wil in zijn verhalen de vrouw en man ín het uniform een gezicht geven. Het uniform schermt af, wat noodzakelijk is, want je handhaaft de orde en de wet namens de overheid, instellingen of bedrijven. ‘Ik moet tijdens mijn werkzaamheden een boel shit incasseren, het glijdt van me af, ze kennen mij niet en kunnen mij niet raken. En ze hebben ook geen idee van de issues die ik meedraag naar mijn werk.’

Het idee voor het eerste verhaal, ‘Politieacties’, kwam tot stand door twee berichten in het Parool, het één over agenten die actie voerden voor betere beloning en het ander over een familiedrama in de Bilderdijkstraat in Amsterdam. In het verhaal, Washroom blues, dat er op volgt, gaat een supervisor beveiliging op Schiphol met zijn billen bloot, wat als metafoor dient voor Verkaiks intentie om door te dringen tot de mens ín het uniform.

Elk volgende verhaal is langer en gaat dieper in op de complexiteit van het handhaven en de druk op de hoeders van de orde. In sommige verhalen wordt ook de afwezigheid of het niet functioneren van handhaving aan de kaak gesteld. Politie, Boa’s, beveiligers, bewakers, een volkje met een eigen cultuur? ‘Handhavers en beveiligers zijn de eerstelijns waarborg voor veiligheid, orde en rust in deze veranderende en polariserende samenleving. We vervullen daarmee uiterst verantwoordelijke, maatschappelijke taken, voor doorgaans minimale beloning en met weinig opleiding.’

Een goede dienst is een dienst zonder bijzonderheden. Maar het zijn de incidenten die bewaard blijven, ze worden vastgelegd in dienstrapportages voor evaluatie en eventuele verbeteracties. Deze bundel presenteert een aantal fictieve incidenten op basis van reële veiligheidssituaties.

Incidenten, verhalen uit de handhaving, is een co-productie van de schrijver en uitgeverij Calbona uit Rotterdam. Het boek is verkrijgbaar in alle Nederlandse boekhandels, ook online.

boekpresentatie Andre Verkaik 8 april 2013André Verkaik is geboren in Landgraaf (L), hij groeide op in Hoogezand-Sappemeer en woont momenteel in Huizen (NH).

Hij studeerde theologie aan de VU en deed zijn schrijftraining aan de Schrijversvakschool te Amsterdam. Hij schreef daarna een aantal verhalen en essay waarvan diversen werden genomineerd of gepubliceerd. In 2013 publiceerde Verkaik zijn debuutroman Dat Rode Spul. Verder schrijft en redigeert hij teksten voor het tekstbureau AYBS (Areyoubeingsurfed.nl).

 

Incidenten, verhalen uit de handhaving is hier te bestellen.

Posted on Geef een reactie

Boeiende boekenwinkels: boekhandel Schimmelpennink

Het doel van dit artikel is om aan te tonen dat je best een boekenwinkel in kunt lopen zonder geld uit te geven. Ik neem de proef op de som bij boekhandel Schimmelpennink in Amsterdam. De keuze heeft natuurlijk ook te maken met het feit dat mijn roman Dat Rode Spul er een mooi plekje heeft gekregen, niet in het schap, nee, op een vooruitgestoken lessenaartje dat links voorbij de ingang aan de boekenkasten hangt.

Boekenkasten is een van de twee sleutelwoorden die deze prachtige winkel aan de Weteringschans beschrijven. Alle wanden zijn bedekt met houten kasten en schappen, vaak tot aan het plafond, dat zonder overdrijven wel eens vier meter hoog zou kunnen zijn. In een hoek rechts staat een ladder, zo´n authentieke die je in oude films in bibliotheken ziet. Er gaat een sterke aantrekkingskracht vanuit, maar ik durf het toch niet aan om daar zomaar op te klimmen om de boeken in hogere sferen te bekijken. Wel zou ik het kleine, met een eigen inklapbaar trapje van drie treden uitgeruste krukje dat ernaast staat, kunnen bestijgen als het moest.

Portretten, dat is het tweede sleutelwoord. Grote ingelijste zwart-wit foto’s van bekende schrijvers en dichters die naam maakten in de eerste helft van de vorige eeuw, hangen hoog boven mijn hoofd in het midden van de winkel. In de etalage hangt een nog groter portret, dit in olieverf, van Gerard Reve. En ook om de deurposten heen hangen fotoportretten, van kleiner formaat, van internationale grootheden uit de literatuur. Maar wie zijn de mannen daar boven die op mij neerkijken met een blik van, verkoop jij maar eens zoveel boeken dat je mag hangen bij Ton Schimmelpennink. Ik herken er wel een paar, maar de namen willen niet komen. Om hun namen te kunnen lezen begeef ik mij, aanvankelijk wankel maar dan toch met meer zelfvertrouwen, op dat krukje met uitklapbaar trapje als ik zie dat de boekhandelaar even weg is. Helaas blijven ook nu hun namen onleesbaar. Dan maar de heer Schimmelpennink zelf vragen, een statig personage met grijze haardos en vriendelijke ogen boven een leesbril. ‘Kijk’, begint hij op respectvolle toon, ‘dat is de grote Nescio, en rechts van hem de dichter Lucebert. Daar is Bordewijk, grote namen uit de Nederlandse literatuur.’ O, alleen het uitspreken van die namen brengt al verhalen en gedichten voort in mijn geest, maar vooral herinneringen aan de middelbare school, de Dr. Aletta Jacobs Scholengemeenschap in Hoogezand-Sappemeer.

Nu nog even rondkijken naar de boeken en wat merk ik tot mijn schrik? Nooit meer slapen, mijn favoriete roman van W.F. Hermans, is als pocket te koop voor maar acht euro! Het boeiende verhaal over de student geologie Alfred Issendorf die voor een promotieonderzoek door Noorwegen reist op zoek naar gaten. Een boek dat iedere student of promovendus zou moeten lezen voor of tijdens een internationale stage of onderzoeksproject. Om in te zien welke rol ambitie speelt in het wetenschappelijke bedrijf, en niet minder het leren onderkennen van cultuurverschillen. Ik zou hem gewoon nog een keer aanschaffen als ik me niet had voorgenomen om geen geld uit te geven vandaag.

En vlak daarnaast in het zelfde schap wordt mijn aandacht getroffen door de naam die mij altijd interesseert, Franz Kafka. Nee, het zijn niet zijn wonderlijke romans, Het proces, Het slot, Amerika, die elders in de winkel staan. Ook niet zijn vaak lugubere korte verhalen maar zoals er de laatste tijd zo vele zijn, een roman gebaseerd op Kafka’s dagboeken, brieven en werken en op wat we weten van zijn beste vriend en biograaf Max Brod. Zoals de vermakelijke roman Kafka’s vriend van de Kroatische auteur Miro Gravan, uitgebracht door uitgeverij KLIN (Kroatische Literatuur in Nederland), en op deze website als ePub te krijgen.

De roman die ik in mijn hand houd, De heerlijkheid van het leven door Michael Kumpfmüller, vertelt volgens de Frankfurter Algemeine het verhaal over de laatste liefde van Kafka. Kijk, dat is mooi, ik ken Kafka hoofdzakelijk als iemand die schrijft over niet behaalde ambities en mislukte liefdes maar weet slechts vaag iets over Dora Diamant, de  jonge vrouw die hij aan het einde van zijn leven leerde kennen in Berlijn en die hem terug bracht bij zijn Joodse roots. Ze bleven bij elkaar tot aan zijn dood aan tuberculose minder dan een jaar later. Daar zou ik meer over willen lezen, en willen weten of de auteur mijn Franz Kafka ook overeind heeft gelaten.

Ik draai me om, want ik voel dat ik begin te wankelen, mijn experiment loopt gevaar te mislukken. En als ik de volle honderdtachtig graden rond ben val ik definitief, als mijn ogen vallen op wat wel het best bewaarde geheim moet zijn van de Nederlandse literatuur uit 2015. De Halfbroer, het nieuwe boek van Nicolien Mizee! Ze heeft het afgekregen en hier ligt het. Nicolien was mijn docente Roman aan de Schrijversvakschool, hier in Amsterdam. En in die tijd sprak ze erover hoe schokkend het was geweest om te ontdekken dat ze een broer had die ze nooit had gekend, tot recent. En dat ze overwoog erover te gaan schrijven. Een mooie en positieve aanvulling op haar bekendste boek: En toen kwam moeder met een mes. Die titel en de onverbiddelijke rode strepen, vraagtekens en opmerkingen in onze ingeleverde stukken tekst brachten ons als klas ertoe om in het geschenk aan haar bij de afsluiting van de Romancursus gekscherend te schrijven: ‘En toen kwam Nicolien met een rode pen’. Dit wil ik lezen, hier gaat een verhaal verder van lang geleden dat nog wachtte op een, mogelijk happy, ending.

Dit dreigt totaal uit de hand te lopen. Zonder nog links of rechts te kijken ga ik op de kassa af, met De halfbroer in mijn rechter en, in een snelle beweging maar trefzeker gepakt, De heerlijkheid van het leven in mijn linker hand. Ik geef ze beide aan Ton Schimmelpennink en zeg, ‘Reken dit maar af’, haal vervolgens enkele vergeelde envelopjes uit de binnenzak van mijn colbert en vervolg, ‘met deze boekenbonnen.’

Waarmee maar weer bewezen is dat je gerust een boekenwinkel in kan lopen zonder geld uit te geven.